dinsdag 30 juni 2026

Je leest weer 's een boek, of: op weg naar het einde

























Herstellende van een operatie, waarover ik voor dit moment even niet in detail wil treden, heb ik ongeveer zes weken in depressief makende inertie doorgebracht. Ook met dat laatste zal ik de lezer niet teveel vermoeien, maar één en ander nam, onder andere, de vorm aan van veel nutteloze uren op internet. Vooral die zogenaamde 'shorts' van YouTube zijn, ondanks het vaak volslagen debiele gehalte van de filmpjes, zonder meer verslavend. Je blijft klikken tot er weer een halve dag is verstrekken, om vervolgens te constateren dat het werkelijk niets anders heeft opgeleverd dan verbeuzelde tijd. En als je, om met Reve te spreken, op weg bent naar het einde, is dat een tamelijke sneue constatering. De laatste fase van het leven moet met iets beter te vullen zijn. 
Voor  u nu van alles gaat denken: ik ben niet méér of sneller op weg naar het einde dan elk willekeurig ander mens, maar soms is het besef dat vroeg of laat de koek op is wat sterker aanwezig dan op andere momenten.
Een weekje geleden had ik qua YouTube-verslaving kennelijk mijn tax bereikt; ik besloot naar de bibliotheek te wandelen om een paar boeken te lenen. Geen romans, natuurlijk. Ik heb hier al vaker betoogd dat ik, als ik lees, ik liever over èchte levens lees. 

Over Hermans en Mulisch heb ik op dit blog al eens geschreven, Aan Reve, volgens de canon eveneens behorend tot de zogenaamde 'grote drie' van de Nederlandse literatuur uit de tweede helft van 20e eeuw, heb ik tot nu toe nooit veel woorden besteed. 
Vanzelfsprekend heb ik in de loop der jaren wel het nodige meegekregen over zijn kleurrijke levensloop. En ik heb een paar boeken van hem gelezen. Ook was ik mezelf ervan bewust dat geen enkele andere Nederlandse schrijver een fanbase had, en heeft, die vergelijkbaar is met die van Reve. De 'reviaan' is een bestaand type mens, en ik vermoed dat de revianen er tot in lengte van jaren voor zullen zorgen dat Reve voorlopig niet vergeten wordt.

Derhalve was één van de boeken waarmee ik thuiskwam het eerste deel van de Reve-biografie van Nop Maas 'De vroege jaren 1923 - 1962'.
Snel samengevat was het lezen daarvan een tamelijk bevredigende ervaring, hoewel Maas als schrijver zelf ook wat merkwaardige trekjes vertoont. Zo hecht hij eraan om 'kloeg' te schrijven als hij 'klaagde' bedoelt. Deze schrijf- en zegswijze schijnt hier en daar in Vlaanderen nog voor te komen, maar is in Nederland nauwelijks bekend c.q. uitgestorven. Ook is er bij de biograaf een zekere voorkeur voor het gebruik van moeilijke woorden, ook als er een voor iedereen te begrijpen Nederlands equivalent voor bestaat. Maas schrijft 'irenisch' als hij 'vredelievend' bedoelt, bijvoorbeeld. 
Gelukkig worden de noten direct onderaan de betreffende pagina weergegeven. Ze zijn, om het eufemistisch uit te drukken, nogal talrijk. Steeds naar het eind van het hoofdstuk, of achterin het boek bladeren zou het leesplezier behoorlijk hebben bedorven.
De mate van detail leidde er soms wel toe dat ik regelmatig een paar bladzijden diagonaal las, tot mijn oog weer bleef hangen aan een naam of een zinsnede die mijn aandacht trok.

Wat betreft Reve's eerste veertig levensjaren zijn er twee dingen die er wat mij betreft uitspringen.
Ten eerste is daar het gegeven dat de schrijver, na het succes van zijn eerste boeken ('De avonden' en 'Werther Nieland/ De ondergang van de familie Boslowits') meer dan tien jaar op zoek is geweest naar zichzelf en naar de literaire vorm waarmee hij uiteindelijk pas ècht deel van de eerder genoemde 'grote drie' werd. 
Hoewel Maas het verhaal van deze periode doorspekt met lachwekkende anekdotes, is de algemene indruk van Reve in deze periode toch die van een getormenteerd mens, die bovendien vaker wel dan niet een plaag is voor zijn omgeving. Hij is weinig productief en zijn leven wordt vooral door anderen bekostigd. 'Parasitair is een woord dat opkomt.
Dat parasitaire, en dat is het tweede dat nogal op de voorgrond treedt, geldt vooral voor zijn huwelijk met Hanny Michaelis. Zij heeft nogal wat van Reve moeten verduren en heeft voor de steun die ze hem, gedurende de elf jaar dat ze met hem getrouwd was, gaf betrekkelijk weinig teruggekregen. 
Men kan zich afvragen wat er gebeurd zou zijn als Reve zich eerder had verzoend met zijn homoseksualiteit, en hij de relatie met Michaelis nooit was aangegaan. Er waren dan, naar mijn idee, twee opties geweest: één: Reve had eerder zijn vorm gevonden en was al in een veel eerder stadium een groot schrijver geworden, of twéé: hij was volledig vastgelopen in zijn neuroses, financiële problemen en algemene onaangepastheid, en was daar al ver voor zijn veertigste levensjaar aan ten onder gegaan.

Hoe dan ook, ondanks het gegeven dat het boek uitstekend leesbaar is, is het geen lectuur waar je van opknapt, als je eigen levensvreugde even wat minder is..
Deel 2 van de biografie heeft als ondertitel 'De rampjaren' Ik denk dat ik het lezen daarvan nog maar even uitstel. Het kan, in het geval van Reve, kennelijk allemaal nóg erger.

Van de weeromstuit ging ik aansluitend even op zoek naar wat ik zelf van Reve had staan en het eerste dat ik vond was 'Oud en eenzaam'. 
Daarin komt onder andere de bouw van zijn geheime kasteel 'Notre Reine' op een "platte, 749 m. hoge berg" aan de orde. Reve noemt ook het dorp La Paillette, dat er vlakbij ligt. Mijn fascinatie voor plekken waar iets gebeurd is, al dan niet schuldige landschappen zo u wilt, bracht me ertoe om via GoogleMaps en internet te achterhalen waar 'Notre Reine' precies lag.
Die zoektocht leidde me onder andere naar het blog Keesjemaduraatje
De maker van het blog had Reve's Franse stulpje, ondanks het feit dat hij een zelfbenoemd reviaan is, nooit ècht bereikt, maar in de reacties gaf iemand de coördinaten in lengte- en breedtegraden en zo weet ik nu precies waar het ligt; 5 km. ten zuiden van Vesc, in de Drôme, Frankrijk.

Uit de kop van het blog ("0ver Palestijnen, terrorisme, islam, Israël misstanden en persoonlijke belevenissen") bleek echter dat het reviaanse verhaal een uitzondering op de regel was. De schrijver, die in het echt ook Kees heet, put zich al sinds december 2005 voornamelijk uit in agitprop tegen de Palestijnse zaak en de Islam, en vóór Israël. Zeker in de eerste jaren scheef hij honderden berichten per jaar. Na het lezen van een paar van die berichten kom je tot de conclusie dat het woord 'rabiaat' hier op z'n plaats is; elke nuance ontbreekt. Kees ziet slechts één kant van de zaak; de tienduizenden doden in Gaza spelen in zijn overwegingen geen enkele rol.
Eén en ander was dusdanig intrigerend, dat ik nog even verder zocht op 'keesjemaduraatje'. Uiteindelijk vind je dan dat Kees ook actief was in de krakersbeweging van de jaren tachtig.

Het kan verkeren.
 
Ooit stuitte ik op de theorie dat links en rechts extremisme, naarmate ze extremistischer worden, zich soms in een soort tegenstelde cirkelbeweging bewegen, waardoor ze uiteindelijk elkaar naderden en links-extremisme bij individuen soms vrij abrupt kan omslaan in rechts-extremisme.  
Hoewel het misschien te ver gaat om Pim Fortuyn een extremist te noemen, zijn er wel mensen geweest die zijn omslag van radicaal links naar radicaal rechts op deze manier hebben verklaard. Ook Reve maakte een dergelijke omwenteling in denken door en om bij mezelf te blijven: zonder dat ik het toen in de gaten had was ik lang geleden zelf ook 'rechts', waarna ik van lieverlee steeds 'linkser' ben geworden. Maar ik geloof dat ik er redelijk in ben geslaagd om weg te blijven van extremisme.

Hoe een vrij onschuldige obsessie met 'plekken', na het lezen van een biografie waarin verloren tijd een grote rol speelt, uiteindelijk leidt tot het opduikelen van nòg iemand die zijn tijd en energie op grote schaal verspilt met bezigheden die uiteindelijk tot niets positiefs leiden.

Ook Kees, die waarschijnlijk niet veel jonger is dan ik, is op weg naar einde.  
Soms probeer ik me wel eens een voorstelling te maken van waar je aan zou kunnen denken als je laatste uur geslagen heeft. Dat je dan hopelijk het idee hebt dat je, ondanks alles, je leven niet verspild hebt, bijvoorbeeld
In de biografie van Reve komt ergens, eind jaren vijftig, ook nog een brief van W.F. Hermans aan Reve aan de orde, waarin hij aangeeft ten aanzien van laatstgenoemde "agressief medelijden" te voelen. Hij was  het geklaag en de vruchteloze pogingen van Reve om een  Engelstalige schrijver te worden een beetje zat, en zei om die reden de aanvankelijke vriendschap min of meer op.
Zelf ben ik het totaal niet eens met de politieke stellingname van Keesjemaduraatje, maar meer nog ben ik ontdaan door de zinloosheid van zijn al twintig jaar voortdurende fanatisme. Naast wrevel met betrekking tot zijn politieke standpunt, voel ik een zekere medelijden. Ik heb, bij wijze van spreken, met hem te doen.
Agressief medelijden; ik begrijp nu pas goed wat Hermans daarmee bedoelde, denk ik.